Wat kost het om nee te zeggen?

Tijjani Reijnders is vertrokken naar Saudi-Arabië. De middenvelder van Manchester City gaat er ruim twintig miljoen euro per jaar verdienen. Dertien miljoen meer dan vorig jaar. Ondanks dat het verschil voor de ‘gewone man’ moeilijk voor te stellen is als een verbetering van de levenskwaliteit, helpt het om het te herhalen. Dertien miljoen euro extra. De vraag die vervolgens automatisch wordt gesteld, is simpel: zou jij het doen? Mijn eerste reactie is nee. Mijn tweede reactie is dat het wel erg gemakkelijk nee zeggen is wanneer niemand mij twintig miljoen euro per jaar heeft aangeboden.

Interessanter: waarom vind ik eigenlijk dat Reijnders het niet zou moeten doen? In de eerste plaats vanwege het sportieve. De Premier League is de absolute mondiale top. Die competitie ademt voetbal. En hoewel zijn speeltijd het afgelopen seizoen behoorlijk tegenviel en een overstap logisch is, was er nog voldoende interesse van andere clubs in de premier league. Sportief gezien is het enorm zonde om voor je dertigste in een competitie te spelen die aan elkaar hangt van oudere topspelers, met daarnaast veel matigheid in niveau en mondiale aandacht. Maar omdat die argumentatie zo evident is, wil ik liever nadenken over een ander element. Bij Rondo werd deze overstap besproken. Khalid Boulahrouz en Fred Rutten hoefden niet lang na te denken. Voor zulke bedragen zouden ze gaan. Ik merkte dat hun vanzelfsprekendheid me ergerde. Niet omdat geld geen legitieme reden zou mogen zijn om ergens te werken. Het was het ontbreken van twijfel. Alsof er werkelijk maar één vraag bestond: hoeveel?

Maar als ik wil weten waarom dat me ergert, volstaat verontwaardiging niet. Dan moet eerst een andere vraag worden beantwoord. Wat gebeurt er eigenlijk wanneer een voetballer een contract in Saudi-Arabië tekent? Het gemakkelijkste antwoord is: hij neemt bloedgeld aan. Sinds 2023 is 75 procent van Al-Hilal, Al-Nassr, Al-Ittihad en Al-Qadsiah eigendom van het Public Investment Fund. De overige 25 procent is van non-profitstichtingen rond de clubs. PIF is het staatsinvesteringsfonds van het land. Kroonprins en premier Mohammed bin Salman is voorzitter. Het fonds wordt gevoed door o.a. rendement op investeringen, kapitaalinjecties van de staat en overdrachten van staatsbezittingen. Daaronder vallen grote pakketten aandelen in staatsoliebedrijf Saudi Aramco. De route van olie via staat naar voetbal bestaat.

Human Rights Watch publiceerde in 2024 een uitgebreid onderzoek naar PIF. Volgens de onderzoekers heeft PIF zelf bijgedragen aan mensenrechtenschendingen. Na een anticorruptiecampagne van 2017 werden honderden Saudische zakenmensen en leden van de koninklijke familie vastgezet. Voormalige gevangenen en andere bronnen beschreven mishandeling en dwang. Vermogensbestanddelen werden afgestaan. Human Rights Watch vond aanwijzingen dat sommige van de op die manier verkregen bezittingen uiteindelijk bij PIF terechtkwamen. Dat maakt de afstand tussen de contracten van de spelers en de overheid kleiner.

Saudi-Arabië executeerde in 2025 minstens 356 mensen, het hoogste aantal sinds mensenrechtenorganisaties de cijfers bijhouden. Journalist Turki al-Jasser werd in juni 2025 geëxecuteerd na een geheim proces. Hij had onder meer geschreven over corruptie binnen het koningshuis. De Amerikaanse inlichtingendiensten concludeerden eerder dat Mohammed bin Salman goedkeuring gaf aan de operatie om journalist Jamal Khashoggi in het Saudische consulaat in Istanbul gevangen te nemen en te doden. Human Rights Watch rapporteerde daarnaast dat Saudische grenswachten honderden Ethiopische migranten en asielzoekers aan de grens met Jemen zouden hebben gedood. Arbeidsmigranten worden geconfronteerd met loondiefstal, onmenselijke arbeidsomstandigheden en een systeem waarin werkgevers grote macht over hen houden. Activisten en critici verdwijnen. Dat betekent nog niet dat Tijjani Reijnders verantwoordelijk wordt zodra hij daar aan het werk gaat. Maar net doen alsof het een competitie is als iedere ander is lastig.

Naast de middeleeuwse praktijken gebeurt er iets anders. Vrouwen rijden tegenwoordig auto (wow) en hun deelname aan de arbeidsmarkt is sterk gestegen. Bioscopen en concerten zijn teruggekeerd. Het land lijkt vriendelijker en toleranter en investeert in toerisme en entertainment. Mohammed bin Salman probeert met Vision 2030 een economie te bouwen die niet meer afhankelijk is van olie. Dat maakt het nog geen sportwashing. Een land kan een betere voetbalcompetitie willen. Het mag willen dat de rest van de wereld het een aantrekkelijk land vindt. In de internationale politiek heet dat soft power: je probeert invloed te krijgen door sympathieker gevonden te worden.

Simpel uitgelegd: het wordt sportwashing wanneer een dictator iets verschrikkelijks doet, hij vervolgens een voetbalclub koopt en hoopt dat wij het eerste vergeten. Zo eenvoudig is het niet. Het WK van 2034 moet Saudi-Arabië onder meer internationaal positioneren als een toeristische en economische bestemming. Ieder land doet aan reputatiemanagement. Het relevante verschil is dat Saudi-Arabië tegelijkertijd journalisten opsluit, mensen executeert en politieke oppositie onderdrukt.

Twintig jaar geleden was Saudi-Arabië toernooivulling op een WK. Nu is er transfernieuws. Binnenkort een WK in dat land. Het is voldoende wanneer het land langzaam een gewone plaats in je voetbalwereld krijgt.

En daarmee komen we terug bij Tijjani Reijnders. Wie beweert dat een voetballer door zijn contract rechtstreeks medeplichtig wordt aan misdaden tegen de menselijkheid, maakt een te korte bocht. Maar er bestaat ook een andere vorm van betrokkenheid. Een Nederlandse ingenieur kan naar Riyad vertrekken om een waterzuiveringsinstallatie te bouwen en koopt dan zijn technische kennis. Als niemand in Europa ooit zijn naam hoort, werkt die installatie even goed. Bij Reijnders ligt dat anders. Als niemand buiten Saudi-Arabië zou weten dat hij bij Al-Qadsiah speelt, zou een groot deel van de waarde van zijn komst verdwijnen. Zijn bekendheid is een deel van het product. Saudi-Arabië koopt aandacht, instagramvolgers. Kinderen die ineens weten wat Al-Qadsiah is. Daarmee ontstaat een moreel aandeel in het project dat de staat aantrekkelijker, relevanter en uiteindelijk normaler maakt.

Maar daarmee is Reijnders nog niet veroordeeld. Want ook tussen voetballers bestaan verschillen. Stel dat een 29-jarige speler na een carrière in de middenmoot van het Europese voetbal genoeg heeft verdiend om goed van te leven, maar niet om nooit meer over geld na te denken. Hij onderhoudt bovendien zijn ouders en andere familieleden. Een Saudische club biedt hem ineens tien keer zijn salaris. Voor zo'n speler kan één contract de bestaanszekerheid van een hele familie veranderen. Dan is het menselijk om niet te veel na te denken over waar het geld vandaan komt. Daarom is keuzevrijheid relevant voor morele verantwoordelijkheid.

Het is behaaglijk om voetballers te veroordelen, maar Nederlandse bedrijven doen zaken met Saudi-Arabië. Europese regeringen werken samen met Mohammed bin Salman. Westerse landen verkopen wapens. FIFA heeft Saudi-Arabië het WK van 2034 toegewezen. En wij zullen kijken. Ik ook, vrees ik. Dan wordt het wat goedkoop om vanaf mijn bank te vertellen dat een voetballer zijn principes heeft verkocht. Er bestaat niet altijd een keurige grens tussen de schuldigen en de onschuldigen.

Daarom weet ik inmiddels ook niet meer of de oorspronkelijke vraag de juiste is. Zet genoeg nullen achter een bedrag en principes krijgen elasticiteit. Het is gemakkelijk om daar moreel superieur over te doen. De betere vraag lijkt me : wat verkoop je wanneer je gaat? Een voetballer die met één contract zijn familie financiële zekerheid kan geven, verkoopt zijn arbeid. Een ingenieur die een waterzuiveringsinstallatie bouwt, verkoopt zijn kennis. Maar wanneer een wereldberoemde voetballer door een staat uitzonderlijk veel geld wordt aangeboden omdat juist zijn gezicht, aanzien en miljoenen volgers waarde hebben voor een internationaal reputatieproject, verkoopt hij ook iets anders. Legitimiteit. Daarmee wordt hij niet verantwoordelijk voor wat Mohammed bin Salman doet. Maar helemaal niets met hem te maken hebben, kan hij evenmin volhouden.

De simplificatie van de discussie is irritant. Òf je hebt een gezonde honger naar geld òf je bent moreel superieur.

Het zou kunnen dat ik ook zou gaan. Ik hoop alleen dat ik niet onmiddellijk wist dat ik het zou doen.